Spoedwet tijdelijke verlenging tijdelijke huurovereenkomsten

30 april, 2020 | geen reacties

De Corona-crisis zal vervelende gevolgen kunnen hebben voor huurders die huren op grond van een tijdelijke huurovereenkomst. Zou de huurovereenkomst in deze crisisperiode eindigen, dan zal het vinden van nieuwe woonruimte wel eens lastig kunnen zijn.

De spoedwet tijdelijke verlenging tijdelijke huurovereenkomsten biedt daarvoor oplossingen. De tijdelijke huurovereenkomst kan worden verlengd met één, twee of drie maanden. Voorkomen wordt daarmee dat door verlenging een huurovereenkomst voor onbepaalde duur ontstaat. Op 24 april 2020 is de wet gepubliceerd in de Staatscourant.

De belangrijkste aandachtspunten zijn de volgende.

De spoedwet is van toepassing als de tijdelijke huurovereenkomst eindigt na  31 maart 2020 en vóór 1 juli 2020. De verhuurder is verplicht de huurder over de rechten uit de spoedwet te informeren als hij het einde van de huur aanzegt.

De huurder kan binnen een week na het schriftelijke bericht door de verhuurder dat de huur eindigt de verhuurder verzoeken de huur te verlengen met één, twee of drie maanden. Een verzoek moet uiterlijk 1 juli 2020 zijn gedaan. Er kan niet langer verlengd worden dan tot 1 september 2020. Doet de huurder het verzoek niet of niet op tijd, dan eindigt de huurovereenkomst tegen het aangezegde einde daarvan.

De verhuurder heeft een week de tijd om een verlengingsverzoek van de huurder te weigeren wegens één van de in de spoedwet genoemde redenen. Deze redenen zijn de volgende: verkoop en overdracht van de woning, nieuwe verhuur van de woning aan een ander, betrekken van de woning door de verhuurder zelf die geen woonruimte andere heeft, renovatie die vergt dat de woning leeg is en sloop van de woning.

Reageert de verhuurder niet of niet op tijd op het verzoek van de huurder, dan geldt de huur als tijdelijk verlengd overeenkomstig het voorstel van de huurder.

De huurder kan, als de verhuurder weigert met het verzoek in te stemmen, de rechter verzoeken om de einddatum van de huurovereenkomst vast te stellen.

Weigert de verhuurder wegens andere reden dan de in de spoedwet genoemde redenen, dan moet de verhuurder de rechter verzoeken de einddatum van de huurovereenkomst vast te stellen.

Van de beslissingen van de rechter op de verzoeken van huurder of verhuurder kan geen hoger beroep worden ingesteld. Zolang de procedure aanhangig is, loopt de huur door.

De wet vervalt met ingang van 1 september 2020, maar de datum van 1 september 2020 (de uiterste datum waartegen verlengd kan worden) kan bij AMvB eenmalig worden vervangen door 1 oktober 2020, 1 november 2020 of 1 december 2020.

Uit het voorgaande volgt wel dat er nog wel wat voorwaarden in acht moeten worden genomen en ook op termijnen moet worden gelet. Heeft u over het voorgaande vragen? Neem dan contact op zodat wij één en ander kunnen verhelderen en per specifieke situatie kunnen adviseren.

 

Deze blog bevat algemene informatie en is niet gericht op specifieke, individuele gevallen. De informatie uit deze blog kan dan ook niet als juridisch advies worden gekwalificeerd. Mocht u naar aanleiding van deze blog vragen hebben met betrekking tot uw eigen specifieke situatie, neem dan contact op met een van onze advocaten.

Reageren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *