Berichten in oktober

Loondoorbetalingsplicht bij ziekte beperkt voor kleine werkgevers?!

20 oktober, 2015 | geen reacties

Werkgevers met maximaal 10 werknemers in dienst hoeven hun personeel bij ziekte straks niet meer verplicht twee jaar door te betalen, althans als de plannen van het kabinet doorgaan.

Het kabinet wil de regels voor loonbetaling bij ziekte voor kleine werkgevers (maximaal 10 werknemers) aanpassen. Het kabinet werkt daarbij aan een mogelijkheid om de kosten van het tweede ziektejaar collectief te verzekeren. De loondoorbetalingsverplichting wordt dan verkort tot 1 jaar.

Op dit moment moeten werkgevers hun werknemers bij langdurige ziekte verplicht 2 jaar (104 weken) doorbetalen. Voor kleine bedrijven vormt dat een drempel om personeel aan te nemen. Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wil het mogelijk maken dat kleine werkgevers, met maximaal 10 werknemers, er voor kunnen kiezen zich bij de uitkeringsinstantie UWV te verzekeren tegen de kosten. Het UWV betaalt dan gedurende het tweede ziektejaar het loon aan de werknemer.

Dit UWV-loon wordt bekostigd vanuit de collectieve werkgeverspremie en de overheid. De zieke werknemer gaat er overigens qua inkomsten niet op achteruit ten opzichte van de huidige situatie.

Robers advocaten houdt de verdere ontwikkelingen voor u in de gaten.

Wetsvoorstel Wet Werken na de AOW gerechtigde leeftijd aangenomen

20 oktober, 2015 | geen reacties

De Eerste Kamer heeft op 29 september jl. het wetsvoorstel Wet Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd aangenomen. Het voorstel wijzigt een aantal arbeidsrechtelijke bepalingen in verschillende wetten om het (door)werken na de AOW-gerechtigde leeftijd eenvoudiger te maken.

Vanaf 1 juli 2015 kan vanwege de invoering van de Wet Werk en Zekerheid de arbeidsovereenkomst met een werknemer die de AOW- gerechtigde leeftijd heeft bereikt al worden opgezegd zonder tussenkomst van het UWV of de rechter. Ook hoeft er geen transitievergoeding betaald te worden.

Overigens bestaat deze mogelijkheid alleen als de arbeidsovereenkomst is aangegaan voor het bereiken van deze AOW-gerechtigde leeftijd. Bovendien hebben AOW’ers vanaf 1 juli 2015 (vanwege de Wet Aanpak Schijnconstructies) recht, gelijk ook al gold voor andere werknemers, op tenminste het minimumloon, danwel het overeengekomen en voor andere werknemers ook toepasselijke cao loon.

Het huidige wetsvoorstel Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd, houdt onder meer in dat:

  • de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte van de werknemer 13 weken bedraagt in plaats van de gebruikelijke 104 weken;
  • het opzegverbod bij ziekte slechts 13 weken duurt;
  • minder zware re-integratie eisen gelden tijdens deze periode van ziekte van 13 weken. Er hoeft bijvoorbeeld geen Plan van Aanpak te worden opgesteld en ook geldt niet de verplichting om passende arbeid bij een andere werkgever te gaan zoeken (het zogenaamde “tweede spoor”);
  • de opzegtermijn voor een AOW-gerechtigde werknemer wordt beperkt tot 1 maand;
  • het wetsvoorstel voorziet in een langere keten van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd. Eerst na 6 tijdelijke contracten of een duur van 48 maanden ontstaat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Voor de vaststelling van de periode van 48 maanden, of het aantal contracten, tellen enkel die arbeidsovereenkomsten mee die na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd zijn aangegaan.

De beoogde inwerkingtredingsdatum is 1 januari 2016.

cijfers

 

 

290-BEDRIJFSRUIMTE HUURRECHT: IS HET INTREKKEN VAN EEN REEDS GEDANE HUUROPZEGGING DOOR VERHUURDER MOGELIJK?

12 oktober, 2015 | geen reacties

imagesVerhuurder en huurder zijn begin 1999 een huurovereenkomst aangegaan, welke inmiddels is verlengd met opeenvolgende periodes van vijf jaren tot 31 december 2014. In verband met een voorgenomen renovatie van een deel van het winkelcentrum zegt verhuurder de huurovereenkomst met inachtneming van een termijn van twaalf maanden tegen 31 december 2014 op. In de opzeggingsbrief geeft verhuurder aan graag met huurder in overleg te treden over de mogelijkheden voor het aanbieden van vervangende winkelruimte. Dat overleg komt er wel, maar partijen komen niet tot elkaar.

Verhuurder laat huurder vervolgens weten de huuropzegging in te trekken, met als reden de forse vertraging in de herontwikkeling van het winkelcentrum. Verhuurder stelt zich op het standpunt dat de huurovereenkomst daardoor niet is opgezegd en verlengd is tot en met 31 december 2019. Huurder meent dat intrekking van de opzegging een gepasseerd station is. In eerste aanleg oordeelt de kantonrechter dat de door de verhuurder gedane opzegging van de huurovereenkomst kan worden ingetrokken en tot en met 31 december 2019 is verlengd.

Bij het Gerechtshof Amsterdam ECLI:NL:GHAMS:2015:1958 spitst de kwestie zich vervolgens toe op de vraag of verhuurder een reeds door huurder ontvangen huuropzegging kán intrekken. Het intrekken van een huuropzegging betekent juridisch gezien het herroepen van een huuropzegging, omdat die herroeping een einde beoogt te maken aan de werking van die opzegging. Van een dergelijke eenzijdige rechtshandeling is in de wet bepaald dat zij kunnen worden herroepen. Het herroepen van een reeds gedane opzegging is echter niet specifiek opgenomen. lees meer →